Integraal ambulant werken in de jeugdhulp - Integraal Ambulant Team (IAT)
15837
post-template-default,single,single-post,postid-15837,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,vss_responsive_adv,qode-theme-ver-9.0,wpb-js-composer js-comp-ver-4.11.1,vc_responsive

28 Oct Integraal ambulant werken in de jeugdhulp

Hoe help je een gezin met meerdere ernstige problemen om weer een veilige plek te worden waar kinderen kunnen opgroeien? Zonder vast te lopen op de beruchte ‘schotten’ in de jeugdzorg of te verdwalen in een woud van regels? Ipse de Bruggen, GGZ Delfland en Jeugdformaat begonnen in de jeugdhulpregio Haaglanden een pilot met een integraal ambulant team (IAT). In het team zitten meerdere hulpverleners die vanuit hun eigen organisatie hun eigen expertise meebrengen. En dat werkt.

“We kijken met z’n allen vanuit de oplossing”

Bij een gezin waar het IAT wordt ingezet, spelen altijd meerdere problemen. Zoveel, dat de reguliere hulpverlening (de ‘gewone’ jeugdzorg) niet genoeg is. Het IAT trekt intensief met de gezinnen op, brengt alle problemen in kaart en maakt één behandelplan, vanuit de expertise van de drie deelnemende organisaties. Zodat de gezinnen niet langs verschillende organisaties hoeven en de hulpverleners optimaal kunnen samenwerken.

Marja Visee Lijesen (verpleegkundige en gezinswerker bij Ipse de Bruggen) is vanaf de start betrokken bij het IAT. “Er is een mooi evenwicht binnen het IAT, door de expertises die ieder heeft”, vindt zij. De IAT-leden maken ook optimaal gebruik van elkaars expertise. Ze werken niet naast elkaar, maar met elkaar. Dat begint al bij de eerste kennismaking: elk gezinslid heeft een gesprek met tenminste twee IAT-leden van verschillende organisaties.

Toverwoord: flexibel

Het IAT werkt niet volgens vaste protocollen. Dat kan ook niet, want de organisaties waar de teamleden vandaan komen hebben alle drie hun eigen regels en richtlijnen. Het IAT moet daar flexibel mee om kunnen gaan en snel kunnen schakelen. Joeri Greeve (ambulant hulpverlener bij Jeugdformaat): “Voorheen was het moeilijk om snel afspraken met elkaar te maken. Nu zitten we met het IAT minimaal één keer in de week bij elkaar om tafel en is het veel vanzelfsprekender om met elkaar te overleggen. Je hebt daardoor kortere lijnen, minder wachttijden, casussen worden sneller opgepakt; je ontschot daardoor daadwerkelijk de zorg.”

Het gezin centraal

Een gezin is in principe de beste plek voor een kind om op te groeien. Als een kind tijdelijk hulp of ondersteuning nodig heeft, krijgt het dat dan ook zoveel mogelijk in het gezin. Soufian Mahi (ambulant hulpverlener Jeugdformaat): ‘’De gezinnen krijgen van het IAT de juiste tips en tools mee zodat ouders kunnen leren goed voor hun kinderen te zorgen. Vaak kan dit niet door één organisatie opgepakt worden, omdat die alleen de eigen expertise meebrengt. Daarvoor heb je echt de integraliteit van een IAT nodig.’’ Zijn collega Emily Janssen (verpleegkundige bij GGZ Delfland) bevestigt dit: “Door goed samen te werken met medewerkers van de verschillende samenwerkingspartners kunnen wij een gezin één totaalpakket aanbieden. Ze krijgen dus de zorg die ze echt nodig hebben.’’

Het resultaat

Eén plan, één aanpak vanuit meerdere expertises, één doel: het IAT klinkt eigenlijk heel logisch. Maar levert het ook de gewenste resultaten op? Volgens de geïnterviewde IAT-leden wel. Soufian Mahi: “Ik zag dat bijvoorbeeld bij een gezin uit Delft met twee jongens. Bij de aanmelding werd aangegeven dat de ouders gescheiden waren, dat er onderling veel ruzie was en de grenzen werden opgezocht. Er moest meer rust in huis komen. De moeder in het gezin is licht verstandelijk beperkt. Het jongste kind heeft ADHD en een licht verstandelijke beperking en gaat naar speciaal onderwijs. De oudste werd gepest en had weinig zelfvertrouwen. We hebben in het IAT de lijn bepaald voor het gezin om rust en stabiliteit te creëren. Door structuur, huisregels op te stellen en veilige plekken voor de kinderen te creëren op hun eigen kamer. Daarbij focuste ik op het jongste kind en mijn collega van Ipse de Bruggen op het andere kind. Ook hadden we gesprekken met de moeder over opvoedondersteuning en het strakker belonen van haar kinderen.”
Het gaat goed met dit gezin. Het IAT heeft tijdelijk ondersteuning geboden maar inmiddels heeft de moeder haar taken weer overgenomen. Ze zorgt dat haar zonen rust krijgen. De oudste zoon is van school veranderd en wordt niet meer gepest. Hij heeft een vriendinnetje. De jongste voetbalt in een team. En ook de vader is weer betrokken bij zijn kinderen.”